Inleiding van Kluger Hans #03
- door de redactie
Een literair tijdschrift is een plaats van mogelijkheden en cultivering. Nu de tijd van grote oeuvres en poëticale aardverschuivingen achter ons ligt, zijn zijn open houding en hybride concept van literatuur meer dan ooit belangrijk. Een literair tijdschrift (in het Europa en Noord-Amerika van begin eenentwintigste eeuw) is de plek waar kleine veranderingen en vernieuwingen, voortschrijvingen, uitdifferentiëringen en reconstructies plaatsvinden. Het doel ligt daarbij halfweg: in een koortsachtige wisselwerking tussen genres, vormen en ideeën nog voor ze in een boek terechtkomen.
Die weg van zenuwachtige, soms hilarische veranderlijkheden bewandelt Kluger Hans #03 met actuele poëzie uit binnen- en buitenland: open, onbevooroordeeld en zonder angst voor een botsing tussen theorieën en stijlen, smaken en vormen, wriemelend en overdadig. De sensuele poëzie van de Canadese a.rawlings haalt haar eclectische taal bijvoorbeeld uit de zeilwereld, de lepidopterie en de slaap. Michael Earl Craig rekt met zijn absurde, tot een knotsgek geheel geshakete en relativerende taalspel de grens tussen droom en werkelijkheid op. Een psychedelische, grungy vorm van poëzie, ritmisch sterk en vol kleine oneffenheden, biedt Boris de Jong in zijn eerste papieren publicatie. In de rubriek Richting EU bouwt de Zweedse dichter Magnus William-Olsson verder op een tegelijk klassieke en romantische traditie van lyrische poëzie. Hij deelt die romantische insteek met het beeldende werk van Anne Wenzel op onze achterflap. Twee bijdragen rekken de poëzie uit over andere genres. Ivan De Beul brengt twee reisverhalen vanuit een verhakkeld perspectief, dat de lezer uitnodigt om de brokken aan elkaar te lijmen. De ‘psychopathetische polar’ van Antoine Boute kan men dan weer, naar analogie met een term uit de filmwereld, B-poëzie noemen.
Hoewel de hedendaagse literatuur van grote vitaliteit en diversiteit getuigt, stellen we bezorgd vast dat het nieuwe literaire tijdschrift nY, ontstaan uit de fusie van Yang en freespace Nieuwzuid, zich net op de grotere lijnen van de culturele productie lijkt te profileren. Misschien wel vanuit een onderhuidse concurrentiedrang met de witte olifant DWB vernauwt het zijn perspectief tot één enkele richting. Daarmee gooit het de speelsheid en meerstemmigheid dat vooral freespace Nieuwzuid karakteriseerde, overboord. Kluger Hans probeert een omgekeerde beweging te maken en zoomt in op jonge oeuvres, die een intelligente vorm van innovatieve frictie laten zien. Kluger Hans heeft aandacht voor de termieten in de literatuur. Wat we daarmee bedoelen ontdekt u in het korte essay van onze redacteur Bart De Block, waarmee dit nummer opent.
Kluger Hans #03 kunt u hier bestellen.



Reacties